Festivals

20 jul 2023, 09:49 Column
Wat dunkt dich?
Wat dunkt dich?

Als consulent van het Bureau voor Jeugd en jongeren in Limburg was het negen jaar mijn taak bands en films te boeken in de Limburgse jongerencentra. Een intensieve job, vaak op pad voor acts en events naast constructieve besprekingen met gelijkgestemden. De eerste Pinkpop-editie betekende de start van de Limburgse festivalcultuur. 

Alternatieve popgroepen werden geplukt uit muziekkrant Oor. Opluchting en tevredenheid als Hollandse Pop ook aansloeg bij de Limburgse popliefhebbers. Een actief jongerencentrum was en is de Bosuil in Weert. Op een camping vroeg een 11-jarig buurmeisje of ze mee mocht naar het eerste Bospop festival. “Oké, maar als ik moet werken, blijf jij zitten. Ik wil je kunnen zien.”

Er ontstonden in die periode tientallen bekende festivals en muzikale vriendschappen die tot vandaag duren. Bijna als vanzelfsprekend veranderde deze job na negen jaar in tv-programmamaker. De podia tv en YouTube boden ruimte voor enthousiasmerende reportages, uitdagende interviews en registraties voor jong en oud. Accreditaties blijven binnenkomen, het 25-jarig Funpop jubileum was aanleiding om het Bospop bestuur te vragen dit jaar een topact tijdens Funpop te regelen. Het jaarlijkse Funpop in Horst is hét landelijke pop- en belevingsfestival bedoeld voor mensen met een verstandelijke- of meervoudige beperking, hun begeleiders en geïnteresseerden. Al 25 jaar bezorgt dit festival mij en velen jaarlijks enorm veel fun, voldoening en ontroering. In een brainstormsessie van Pop in Limburg was het thema: ‘Hoe kunnen we de Limburgse pop meer laten floreren?’. Advies: enthousiasmeer, leer van elkaar, werk samen en ontwikkel een garantiefonds.

Het buurmeisje van de camping vroeg nu veertig jaar later: “Wanneer doen we weer een keertje Bospop?” Dit van oudsher jaarlijkse pop- en rockfeest kreeg een helaas. Het voorspelde noodweer trok een streep door de derde dag Bospop. Jippe’s slot quote: “Mit bötter oppe kop mosse oët de zon blieve en baeter mit de kop in de raege den nate veut.”

Peter Joosten